(Vroeg)gepensioneerden ... aan het woord
Wim van der Aar
De
heer Van der Aar is 1,5 jaar geleden gepensioneerd. Nu staat hij toch weer voor
de klas bij het Fioretticollege in Lisse. Hij werd door de adjunct-directeur
benaderd met de vraag om een paar uur les te geven. Hoewel hij in gedachten
definitief afscheid van het onderwijs had genomen zette dit verzoek hem aan het
denken. Na enig wikken en wegen besloot hij zijn oude stiel weer op te pakken en
de school uit de brand te helpen. Hij geeft vanaf februari tot aan de zomer 2008
2 uur Engels aan een 3-atheneumklas. Inmiddels is hem ook gevraagd enige
steunlessen te geven aan leerlingen uit de eerste en tweede klas.Hij ervaart het
als een voordeel dat hij op zijn oude school werkt. Hij werkt met de hem nog
bekende methode zodat de voorbereiding van zijn lessen niet veel extra
inspanning kosten.
Aad Schulten
In
1962 begon hij op het Rijnlands Lyceum, vanaf 1963 tot 2003 heeft hij in
Rotterdam op het Emmauscollege lesgegeven in Grieks en Latijn. De heer Schulten
wordt in juni 71 jaar en is nog steeds aan het werk, nu aan het Marnixgymnasium
te Rotterdam.
In zijn 40e jaar aan het Emmauscollege is hij op zijn 65ste ook gaan lesgeven op
het Rotterdams Montessori Lyceum in het kader van zwangerschapsvervanging: een
kwart jaar werkte hij 31 uur. Daarna 2 jaar een combi-baan op het Montessori
Lyceum en de Christelijke Scholengemeenschap Melanchthon (ook aanvankelijk voor
een zwangerschaps-vacature) en momenteel werkt hij dus op het Marnix Gymnasium,
i.v.m. nu twéé gelijktijdige zwangerschappen. Voor hem was het geen enkel
probleem om op een nieuwe school te gaan werken. Naar eigen zeggen eten de
leerlingen uit zijn hand en hangen aan zijn lippen. Hij gaat nog steeds mee met
de vernieuwingen. Hij wisselt zijn lessen af met verhalen uit de mythologie en
met parallellen trekken tussen de oudheid en nu.
Vorig jaar gaf hij 19 lessen, dit jaar 12.
Waarom werkt hij langer door? Voorop staat dat hij het leuk vindt zijn vak te
geven en om te gaan met jonge mensen. Daarnaast werkt zijn vrouw ook nog als
dermatoloog. Zij is 1 jaar jonger. Hij wil niet dat kinderen geen of slecht les
krijgen t.g.v. een tekort aan docenten. Het geeft ook nog structuur aan het
leven.
Jelle Teertstra
Na
zijn middelbare school heeft de heer Teertstra o.a. een aantal jaren Duits
gestudeerd. Tijdens zijn studie heeft hij ook 4 jaren les gegeven op een grote
middelbare scholengemeenschap. Vervolgens heeft hij het onderwijs verlaten en is
een kleine 30 jaar in verschillende functies bij het Openbaar Ministerie
werkzaam geweest tot hij 2,5 jaar geleden met FPU is gegaan. Wel treedt hij nog
een aantal malen per jaar op als docent voor het Studiecentrum Rechtspleging SSR
van het Ministerie van Justitie. Na zijn FPU heeft hij gesolliciteerd op de
functie van lesassistent op het Emmaus College te Rotterdam. In deze functie
werkt hij inmiddels al weer 2,5 jaar met heel veel plezier gedurende een aantal
dagen per week. In die functie neemt hij lessen over in de onderbouw bij
afwezigheid van de docent. De docent probeert zoveel mogelijk van te voren een
instructie te geven opdat de lesassistent de les zo goed mogelijk - het streven
is voor minimaal 80 % - kan geven. Zowel de schoolleiding, docenten, leerlingen
als de heer Teertstra zijn erg enthousiast. Laatstgenoemde beleeft ontzettend
veel plezier aan zijn werk. De wisselwerking met de kinderen is erg leuk.
Bijkomstig is dat het werk relatief weinig voorbereiding vergt, er weinig
overleg hoeft plaats te vinden, hij geen nakijkwerk heeft en zodoende volop kan
genieten van zijn resterende vrije dagen, avonden en last but not least de
schoolvakanties - voor het eerst gelijk met zijn echtgenote die als docent Duits
op dezelfde school werkt - Door zijn leeftijd en vele jaren ervaring heeft hij
een natuurlijk overwicht op de leerlingen en kan hij ze met raad en daad
bijstaan. Hij wordt in zijn functie volledig geaccepteerd en gewaardeerd. De
heer Teertstra zou wensen dat iedere middelbare school over een dergelijke
functionaris zou kunnen beschikken. Zelf is hij de mening toegedaan dat iedereen
zou zijn toe te wensen om zijn of haar laatste jaren van een werkzaam leven op
een vergelijkbare wijze te kunnen afsluiten, namelijk zonder stress, geen
veranderingen meer, maar met heel veel plezier en vreugde in je werk op een
relatief vrijblijvende basis maar toch tegelijkertijd heel nuttig bezig te zijn
met de jeugd die de hele toekomst nog voor zich heeft.